Leapmotor B10 komt voortaan uit Zaragoza
Leapmotor breidt zijn aanwezigheid in Europa aanzienlijk uit. In de Spaanse Stellantis-fabriek in Zaragoza is de voorserieproductie van de elektrische compacte SUV B10 begonnen. Met lokale pers-, las- en lakwerkzaamheden moet een voldoende groot Europees productieaandeel worden bereikt.
Daardoor kan de B10 volgens het bedrijf als een Europees product worden aangemerkt. Dat is vooral relevant voor de volledig elektrische variant, want de EU heft aanvullende compenserende invoerrechten op elektrische auto’s die uit China worden geïmporteerd.
Lokale productie in plaats van import uit China: Leapmotor vermindert bij de B10 de risico’s rond invoerheffingen, transportkosten en afhankelijkheden in de toeleveringsketen.
Voorserieproductie bereidt start van serieproductie voor
De voorserieproductie is nog niet hetzelfde als reguliere massaproductie. In deze fase worden productieprocessen, gereedschappen, kwaliteitscontroles en de samenwerking met leveranciers getest. Pas daarna kan de fabriek de productieaantallen gecontroleerd opvoeren.
Zaragoza heeft daar al de nodige ervaring mee. Stellantis produceert er al de Lancia Ypsilon, Opel Corsa en Peugeot 208. Leapmotor kan daardoor gebruikmaken van bestaande structuren voor carrosseriebouw, lakwerk en logistiek, in plaats van een volledig nieuwe fabriek te bouwen.
Waarom productie in Spanje zo belangrijk is
Sinds 2024 gelden in de EU aanvullende heffingen voor batterij-elektrische auto’s die in China zijn geproduceerd. Aanleiding is de beschuldiging dat overheidssubsidies Chinese fabrikanten een oneerlijk kostenvoordeel opleveren. Een voldoende diep geïntegreerde productie binnen Europa kan deze extra lasten voor de B10 vermijden.
| B10-variant | Aandrijving | Betekenis van Europese productie |
|---|---|---|
| Batterij-elektrisch | Volledig elektrische aandrijving | Vermijdt bij Europese oorsprong de aanvullende EU-heffingen op import uit China |
| Range-extender | Elektrische aandrijving met verbrandingsmotor als stroomgenerator | Profiteert vooral van kortere transportroutes en een regionalere productie |
Ook bij de range-extender worden de wielen elektrisch aangedreven, maar een compacte verbrandingsmotor wekt de benodigde stroom op. Dergelijke voertuigen vallen douanetechnisch niet automatisch onder dezelfde aanvullende heffingen als volledig batterij-elektrische auto’s. Leapmotor moet nog verduidelijken welke B10-varianten in Zaragoza worden geproduceerd en in welke aantallen.
Goedkopere productie betekent niet meteen lagere prijzen
Of Leapmotor het kostenvoordeel aan klanten doorgeeft, is vooralsnog onduidelijk. De gestegen logistieke kosten pleiten tegen een snelle prijsverlaging. Volgens het bedrijf zijn de transportkosten vanuit China sinds februari als gevolg van de situatie in het Midden-Oosten met meer dan 50% gestegen.
De productie in Spanje kan een deel van deze druk opvangen. Tegelijkertijd brengt de Europese productiestart nieuwe kosten met zich mee, bijvoorbeeld voor de aanpassing van de fabriek, lokale toeleveringsketens en aanvullende kwaliteitsprocessen. Lokale productie → lagere invoerheffingen, maar niet automatisch een lagere catalogusprijs.
Leapmotor groeit razendsnel in Europa
Tussen januari en juli steeg de Europese verkoop van het merk met 508% tot 65.193 voertuigen. Sinds zijn marktintroductie in januari groeide de B10 met 16.664 exemplaren uit tot het op één na bestverkochte model in het assortiment. Ook in de algemene Europese verkoopranglijst voor elektrische auto’s wint Leapmotor duidelijk terrein.
De B10 komt uit in een bijzonder zwaar bevochten segment. Kopers vergelijken hem met gevestigde Europese en Aziatische modellen, zoals blijkt uit ons overzicht van elektrische compacte SUV’s in Duitsland. Een stabiele aanvoer vanuit Spanje kan daarom even belangrijk worden als een scherpe vanafprijs.
Stellantis biedt Leapmotor een Europese basis
De productie in Spanje is gebaseerd op het strategische partnerschap dat in 2023 werd gesloten. Stellantis investeerde ongeveer 1,5 miljard euro en verwierf een belang van circa 20% in Leapmotor. De gezamenlijke internationale onderneming is voor 51% in handen van Stellantis en voor 49% van Leapmotor.
Leapmotor brengt voertuigen, platforms en ontwikkelingssnelheid in, terwijl Stellantis productiecapaciteit, distributie en ervaring met Europese regelgeving bijdraagt. De B10 laat nu zien hoe deze taakverdeling er in de praktijk uit kan zien.
Wat deze stap betekent voor Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland
In Duitsland en Oostenrijk kan de Spaanse productie de aanvullende EU-heffingen rechtstreeks uit de kostencalculatie halen. Dat biedt ruimte voor concurrerende prijzen, een betere uitrusting of aantrekkelijkere financieringsmogelijkheden. Leapmotor heeft echter nog geen concrete aanpassing aangekondigd.
Zwitserland behoort niet tot de EU, waardoor de Europese compenserende invoerrechten daar niet rechtstreeks gelden. Kortere transportroutes en een sterkere Europese onderdelenvoorziening kunnen desondanks voordelen bieden. Voor de gehele DACH-regio, oftewel Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland, zal doorslaggevend zijn of de voorserieproductie snel wordt gevolgd door een stabiele massaproductie.



